Het oog als "het werk van een Genie"
Het oog is volgens prof. Stuart Burgess een „biomechanisch juweel", zo begint een deel van het artikel van Bart van den Dikkenberg (RD bijlage van maandag 31-8-26) over het nieuwe boek van Burgess: "Ultimate engineering. An engineer investigates the biomechanics of the human body".
Een oog kan dag en nacht zien. De pupil kan variëren in grootte van 2 tot 8 millimeter, en werkt beter dan de sluiter van een fototoestel. Met hun ogen kunnen mensen 10 miljoen verschillende kleurtinten onderscheiden. De ogen bewegen duizenden keren per dag en kunnen bewegende voorwerpen moeiteloos vol-gen. Ook kunnen ze in no time op iets focussen. De hersenen combineren wat beide ogen zien tot een samenhangend, driedimensionaal beeld. De oogleden knipperen 20.000 keer per dag en verspreiden daarbij traanvocht over het hoornvlies, wat bacteriën doodt en stof en vuil wegveegt. Dat de ogen tranen kunnen produceren, heeft ook als functie om emoties te uiten. De oogleden kunnen ook reflexmatig knipperen als het hoornvlies wordt aangeraakt. Ook kan het hoornvlies zichzelf repareren als er een krasje op zit. Een speciale vermelding heeft de hoogleraar voor de oogspier, die het oog tot honderd keer per seconde kan laten bewegen.
Toch beweren evolutiebiologen dat het oog slecht is ontworpen. Volgens hen blokkeren bloedvaatjes het licht dat op het netvlies valt. De zenuwdraden liggen eveneens op het netvlies en houden het binnenvallende licht ook tegen. „Een zorgvuldige ontwerper had de bloedvaatjes en de zenuwdra-den achter het netvlies geplaatst", meent Abby Hafer.
Burgess citeert de Israëlische bioloog Erez Ribak, die stelt dat het oog verkeerd ontworpen lijkt, maar dit niet is. "Nieuw onderzoek onthulde dat deze raadselachtige structuur het zicht sterk verbetert, en dat de zenuwdraden werken als lichtgeleidende glasvezelkabels." De hoogleraar concludeert: "Wat sommigen claimden als een ontwerpzwakte, wat een aanwijzing zou zijn voor doelloos sub-optimaal evolutionair design, blijkt nu op meerdere niveaus juist een sterk ontwerp te zijn."
Het spijt Burgess dat evolutiebiologen als Dawkins en Hafer zich niet door de resultaten van échte wetenschap laten overtuigen, maar blijven vasthouden aan hun evolutionaire vooringenomenheid.
Reactie plaatsen
Reacties