Want wie naar het woord luistert maar er niet naar handelt, lijkt op iemand die zijn eigen gezicht in een spiegel bekijkt; hij bekijkt zichzelf, loopt weg en vergeet meteen hoe hij eruitzag. (Jakobus 1:23–24)
Ik heb haast... ik trek snel mijn jas aan... Waar is mijn autosleutel? ... Even in de spiegel kijken... en ik ben de deur uit. De brief van Jakobus vergelijkt het luisteren naar Gods Woord zonder er vervolgens naar te handelen met een vluchtige blik in de spiegel.
Het is duidelijk: ik moet in de spiegel kijken als ik wil weten hoe ik eruitzie. Zo moet ik ook eerst de Bijbel lezen; anders weet ik niet wie ik ben. Zonder de spiegel van Gods Woord kan ik mezelf niet herkennen – zelfs niet door de meest grondige zelfreflectie. In de eerste plaats zal ik mijn zonde herkennen, omdat de Bijbel mij in Gods licht plaatst. Maar God wil me daardoor niet tot wanhoop drijven; Hij plaatst me juist in Zijn licht omdat Hij van me houdt en me wil redden.
En als ik Jezus ken als mijn Redder en dicht bij Hem wil leven, dan moet ik des te vaker tijd en aandacht besteden aan mijn Bijbel. Alleen als ik bereid ben naar God te luisteren en Hem te gehoorzamen, zal ik ervaren dat de kracht van Gods Woord mij bewaart en verandert. Maar daarvoor moet ik de Bijbel grondig lezen en God vragen mij te laten zien wat Hij me wil zeggen. Op die manier word ik iemand die naar het woord handelt: ik luister, ik onthoud het, en wat ik begrijp bepaalt mijn gedrag.
Tot slot nog een heel andere vraag: wie krijgt meer aandacht van mij: mijn spiegel of mijn Bijbel?
Reactie plaatsen
Reacties